Column: Luisteren zonder oordeel

In gesprekken met sociaal werkers (in opleiding) over hun visie op hun beroep, hun werk en de dagelijkse praktijk valt het ons regelmatig op dat sociaal werkers (in opleiding) zich roemen op en zich positioneren met de zin: “ik luister zonder oordeel.”

Zo op het eerste gezicht een nobel streven. Want wat schiet die ander op met een (normatieve) veroordeling van diens situatie door een sociaal werker

Alleen valt het op dat het daarbij vaak blijft: bij luisteren zonder oordeel. En dat sociaal werkers het lastig vinden om ergens iets van te vinden en te komen tot een professioneel oordeel over een situatie. En als dit gebeurt is dat juist wel sterk gebaseerd op de eigen persoonlijke normatieve kaders. Zo weten wij dat de eigen opvoeding van sociaal werkers invloed heeft op hun professionele blik. Dit werkt door in oordelen over hoe mensen omgaan met geld, hoe kinderen worden opgevoed, hoe huizen worden schoongemaakt.

Het is een constante uitdaging om de situatie te begrijpen in termen van sociale rechtvaardigheid. Terwijl de situaties die sociaal werkers tegenkomen altijd een moreel-ethische dimensie bezitten waarbij principes van sociale rechtvaardigheid altijd een rol spelen. Als sociaal werkers zich wel hiervan bewust zijn en zich uitdrukken in termen van sociale rechtvaardigheid, dan is het vervolgens de uitdaging een passende strategie te ontwikkelen die hierop is gebaseerd: “Hoe kan ik dit als sociaal werker veranderen?”. Hiermee laten sociaal werkers (in opleiding) ook wel zien dat zij zich als enige verantwoordelijk zien om te komen tot verandering. Het gaat er juist om dat sociaal werkers werken aan voorwaarden waarin mensen tot hun recht komen. Juist als onderdeel van een institutioneel en relationeel krachtenveld. Juist samen met mensen, netwerken, gemeenschappen, andere professionals en andere organisaties.

Daarom zouden wij willen pleiten voor meer professional actorschap. Voor ons betekent dit dat je als professional in staat bent om regie te voeren over en verantwoordelijkheid te nemen voor je beroepspraktijk. Dit vereist een gedeeld beeld en zelfbewustzijn van waar het professioneel werk over gaat en omgevingsbewustzijn. Actorschap komt tot uitdrukking in voortdurend afwegen en handelen op basis van je professioneel vakmanschap, beroepsethiek en betekenisvolle betrokkenheid in afstemming op verschillende belanghebbenden (relationeel) in een sociale en institutionele context (situationeel). Actorschap krijgt dus gestalte in interacties en ontstaat in én beïnvloedt machtsrelaties.

Hieruit volgt juist professioneel oordelen en veroordelen, niet van het individu, maar van de situatie, de problematische context. Zie het onrecht, benoem het en handel hiernaar. De dagelijkse praktijk van sociaal werkers is niet neutraal, dat maakt dat de positie van sociaal werkers ook niet neutraal is. Juist als sociaal werkers zich neutraal opstellen in een situatie bestaat het risico dat de bestaande situatie, de huidige status quo, niet verandert. Werken aan sociale verandering kan dan ook niet voortkomen vanuit deze neutraliteit.

Het beginpunt is zeker het onderzoeken van de normeringen en overtuigingen die jij bij jezelf en de ander tegenkomt. Echter, vanuit de signaalfunctie heb je de situatie van mensen en structuren ook op andere manieren te begrijpen.

Joost Weling

Lenno Jansen

Wim Goossens

Lineke van Hal

Over dit etalage werk

Leeratelier Veerkracht en onmacht in gemeenschappen
Auteur/ontwikkelaar Joost Weling
Jaartal 2025
Type werk Overig

Over de auteur/ontwikkelaar

Joost Weling

Joost Weling

Joost Weling is opgeleid tot sociaal pedagogisch hulpverlener (BA) en socioloog (MSc) . Hij heeft gewerkt als woonbegeleider in de ggz en vervolgens is hij aan de slag gegaan aan hogeschool docent. Hij is nu als docent-onderzoeker verbonden aan het lectoraat Sociale Integratie. Als docent-onderzoeker houdt hij zich bezig met onderwerpen als sociale ongelijkheid, sociale dynamiek in buurten en sociale rechtvaardigheid. Bij de Werkplaats Sociaal Domein Zuyd is hij ‘kartrekker’ van een tweetal leerateliers. Zowel van het leeratelier macht en onmacht van gemeenschappen als van het leeratelier overleven in tijden van tweedeling, armoede in perspectief.