In deze expertmeeting stond het thema preventie centraal, met als insteek de noodzaak van een fundamenteel andere manier van denken: rechtvaardige preventie. Carla Kolner, afkomstig uit de publieke gezondheidszorg en gepromoveerd op dit onderwerp, nam de deelnemers mee in haar onderzoek naar de verschillen tussen hoe preventie wordt benaderd binnen de publieke gezondheid en binnen het sociaal domein. Haar centrale vraag was hoe het denken en handelen rond preventie op het snijvlak van deze domeinen kan worden verrijkt, zodat het daadwerkelijk ten goede komt aan mensen in kwetsbare posities. Carla Kolner vertrekt vanuit de constatering dat er al decennia veel beleid wordt gemaakt rond preventie, maar dat dit nauwelijks effect heeft gehad op juist die groepen die het meest gebaat zijn bij preventie, zoals mensen met een lage sociaaleconomische status en slechtere gezondheid. Rapporten, waaronder dat van de WRR uit 2018, tonen aan dat veertig jaar preventiebeleid deze groepen onvoldoende heeft bereikt. Volgens Carla Kolner is dit geen kwestie van “meer van hetzelfde”, maar vraagt dit om een paradigmaverschuiving: een andere manier van kijken, denken en handelen.
Een belangrijk inzicht in haar onderzoek is dat verschillende domeinen werken vanuit verschillende “logica’s” of paradigma’s. In de publieke gezondheid domineert een gezondheidslogica waarin sterk wordt gedacht in termen van oorzaak-gevolg, individuele gedragsverandering en meetbare effecten. Preventie wordt hier vaak opgevat als het voorkomen van ziekte of het stimuleren van gezond gedrag, gericht op individuen. Dit leidt tot beleid dat inzet op bijvoorbeeld stoppen met roken, gezonder eten of meer bewegen, waarbij de verantwoordelijkheid nadrukkelijk bij de burger wordt gelegd. Daar tegenover staat de welzijnslogica, die veel meer uitgaat van sociale en relationele complexiteit. Binnen het sociaal werk wordt kwetsbaarheid niet primair gezien als een individueel tekort, maar als het resultaat van omstandigheden en interacties tussen mensen en hun omgeving. Hier ligt de nadruk op collectieve processen, sociale relaties, bestaanszekerheid en het versterken van gemeenschappen. Vanuit deze logica is preventie niet alleen het voorkomen van problemen, maar ook het bevorderen van welzijn en het beschermen tegen onrecht en uitsluiting.
Carla Kolner benadrukt dat deze verschillende manieren van denken niet alleen theoretisch zijn, maar ook daadwerkelijk invloed hebben op beleid en praktijk. Taal speelt hierin een cruciale rol: de woorden die gebruikt worden vormen mede de werkelijkheid. Wanneer bijvoorbeeld gesproken wordt over “zelfredzaamheid” en “eigen regie”, wordt impliciet een beroep gedaan op individuele verantwoordelijkheid, terwijl structurele oorzaken van problemen minder aandacht krijgen. In haar analyse van veertig jaar beleid stelt Carla Kolner vast dat er sprake is van een structurele scheiding tussen de aanpak van gezondheidsverschillen en die van kansenongelijkheid. Beide worden afzonderlijk aangepakt, terwijl juist de samenhang essentieel is. Tegelijkertijd staan zowel de publieke gezondheidszorg als het welzijnswerk onder druk, bijvoorbeeld door bezuinigingen en een dominante economische logica waarin kostenbesparing centraal staat. Preventie wordt daardoor vaak gebruikt als rechtvaardiging voor bezuinigingen (“penny wise, prevention foolish”), in plaats van als investering in maatschappelijke kwaliteit. Een andere belangrijke kritiek is dat beleid te veel gericht is op individueel gedrag en te weinig op structurele omstandigheden zoals armoede, woningkwaliteit en sociale ongelijkheid. Deze factoren hebben echter grote invloed op gezondheid en welzijn. Door deze bredere context onvoldoende te betrekken, blijft preventie ineffectief. Bovendien ontbreekt het vaak aan politieke moed om deze structurele oorzaken daadwerkelijk aan te pakken.
Tegelijkertijd wijst Carla Kolner op bredere maatschappelijke ontwikkelingen die de urgentie van een andere benadering vergroten, zoals toenemende ongelijkheid, polarisatie, afnemende publieke voorzieningen en een verzwakking van het morele kompas in de samenleving. In deze context pleit zij voor “rechtvaardige preventie”: een benadering die uitgaat van sociale kwaliteit, brede welvaart en de waarden die daarbij horen. In deze benadering verschuift de focus van individuele gezondheid naar de kwaliteit van samenleven. Sociale cohesie, inclusie, bestaanszekerheid en participatie worden kernbegrippen. Preventie wordt daarmee een collectief en maatschappelijk vraagstuk, dat vraagt om samenwerking tussen domeinen en om actieve betrokkenheid van burgers en gemeenschappen. Formele en informele sleutelfiguren in wijken spelen hierbij een cruciale rol, omdat zij toegang hebben tot groepen die vaak moeilijk bereikt worden en kunnen bijdragen aan vertrouwen en verbinding.
De sociale basis vormt hierin een essentieel fundament. Carla Kolner beschrijft de sociale basis als het geheel van voorzieningen, netwerken en relaties die nodig zijn voor het dagelijks leven in wijken en buurten. Dit omvat zowel fysieke voorzieningen (zoals bibliotheken en buurthuizen) als sociale netwerken en persoonlijke relaties. Een sterke sociale basis bevordert participatie, signalering van problemen en het ontstaan van betekenisvolle verbindingen. In tijden van crisis blijkt deze basis zelfs “levensreddend”, omdat mensen dan vooral terugvallen op hun sociale netwerk. Tegelijkertijd constateert Carla Kolner dat deze sociale basis onder druk staat door bezuinigingen en een verschuiving naar meer individuele dienstverlening. De middelen die beschikbaar zijn voor sociale infrastructuur zijn bovendien gering in vergelijking met de uitgaven aan zorg. Dit roept de vraag op of middelen niet beter verdeeld kunnen worden, bijvoorbeeld door meer te investeren in de sociale basis om zwaardere zorg te voorkomen.
Voor professionals in het sociaal werk benoemt Carla Kolner een aantal belangrijke richtingen. Veel van wat sociaal werkers doen, blijkt in feite al preventief, ook al wordt het niet altijd zo benoemd. Het ondersteunen van mensen bij financiële problemen, het versterken van sociale netwerken en het faciliteren van ontmoeting zijn allemaal vormen van preventie. Tegelijkertijd vraagt het huidige systeem vaak om verantwoording in termen van meetbare resultaten, terwijl veel van dit werk juist moeilijk meetbaar is. Dit leidt tot spanningen tussen de logica van het werk en de logica van verantwoording.
In de discussie met deelnemers werd dit spanningsveld sterk herkend. Professionals ervaren dat zij enerzijds vanuit hun vak inzetten op gemeenschap en preventie, maar anderzijds worden gestuurd door systemen die gericht zijn op individuele hulpvragen, efficiency en meetbaarheid. Dit leidt niet alleen tot frustratie, maar ook tot het gevoel voortdurend te moeten “strijden” voor de ruimte om hun werk goed te doen. Daarnaast werd benoemd dat sociaal werk soms onvoldoende zichtbaar maakt wat het bijdraagt, waardoor andere sectoren (zoals zorgorganisaties) deze rol overnemen.
Tegelijkertijd werden ook hoopvolle voorbeelden gedeeld, zoals initiatieven waarin bewoners zelf aan de slag gaan, ondersteund door professionals, en waarin storytelling en visuele middelen worden ingezet om impact zichtbaar te maken. Deze praktijken laten zien dat verandering mogelijk is, maar vragen wel om structurele ondersteuning en erkenning.
De bijeenkomst maakt duidelijk dat preventie geen neutraal of eenduidig begrip is, maar ook een politiek geladen thema. De manier waarop preventie wordt ingevuld, is afhankelijk van onderliggende waarden en aannames over mens en samenleving. Rechtvaardige preventie vraagt daarom om meer dan alleen nieuwe interventies: het vraagt om een herwaardering van het sociaal werk, een versterking van de sociale basis en een verandering in hoe beleid wordt gemaakt en verantwoord. Preventie begint niet bij gedrag, maar bij de omstandigheden waarin mensen leven. Door te investeren in sociale kwaliteit en rechtvaardigheid kan preventie daadwerkelijk bijdragen aan een betere samenleving.
Over dit etalage werk
| Leeratelier | Veerkracht en onmacht in gemeenschappen |
|---|---|
| Auteur/ontwikkelaar | Joost Weling |
| Jaartal | 2026 |
| Type werk | Expert Meeting |